Werk en Inkomen – algemene bijstand

Recht op algemene bijstand
Je hebt recht op een algemene bijstandsuitkering als je niet genoeg inkomen of eigen vermogen hebt om in je levensonderhoud te voorzien en als je voldoet aan de voorwaarden, rechten en plichten, die hieronder zijn vermeld.

Voorwaarden algemene bijstandsuitkering 
• je bent Nederlander of je woont rechtmatig in Nederland.
• je bent 18 jaar of ouder.
• je hebt niet genoeg inkomen of eigen vermogen om in je levensonderhoud te voorzien.
• je kunt geen beroep doen op een andere voorziening of uitkering, waarmee je in je levensonderhoud kunt voorzien.
• je zit niet in de gevangenis of een huis van bewaring.

Rechten en plichten bij ontvangen algemene bijstandsuitkering
• Je rechten bij een bijstandsuitkering.
Als bijstandsgerechtigde kun je financiële hulp krijgen van de gemeente, waar je woont. Je hebt recht op een aanvulling van je inkomen. Hiermee stijgt je inkomen tot aan de bijstandsnorm, die voor jou geldt. Daarnaast kan de gemeente je hulp bieden in de zoektocht naar werk. Maar als je niet aan je plichten voldoet, dan moet de gemeente je bijstandsuitkering verlagen. Als jou niets valt te verwijten, dan mag de gemeente dit niet doen. De gemeente moet rekening houden met je persoonlijke omstandigheden.

• Je plichten bij een bijstandsuitkering.
Als bijstandsgerechtigde heb je een arbeidsplicht bij je bijstandsuitkering en moet je voldoen aan een bepaalde arbeidsverplichtingen. Dit zijn:
– je moet werk, dat je aangeboden wordt, aannemen en zien te behouden.
– je moet je, als je dat gevraagd wordt, inschrijven bij een uitzendbureau.
– wil je verhuizen, dan moet je vooraf actief werk zoeken in de gemeente waar je naartoe wilt verhuizen.
– je moet bereid zijn om maximaal 3 uur per dag te reizen, als dit nodig is om werk te krijgen.
– je moet bereid zijn om te verhuizen, als het niet mogelijk is om binnen 3 uur reizen per dag werk te vinden. De voorwaarde is wel dat je werk krijgt voor tenminste een jaar met een beloning, die minstens net zo hoog is als je bijstandsuitkering.
– je moet er alles aan doen om de benodigde kennis en vaardigheden om het werk te doen, te verkrijgen en te behouden.
– je moet meewerken aan de ondersteuning, die je gemeente je oplegt of aanbiedt, die gericht is op verbetering van je arbeidsinschakeling.
– je moet ervoor zorgen dat je kleren, je persoonlijke verzorging of je gedrag het krijgen van werk niet belemmeren.

• Vrijstelling van de arbeidsplicht is er voor:
– alleenstaande ouders, die de volledige dagelijkse zorg hebben voor 1 of meer kinderen tot 5 jaar. Zij moeten hiervoor wel een vrijstellingsverzoek indienen bij de gemeente, waar ze wonen. Ze moeten wel gebruik maken van de voorzieningen van de gemeente, die gericht op arbeidsinschakeling.
– mensen, die niet kunnen werken, omdat ze duurzaam en volledig arbeidsongeschikt zijn.

Medewerkingsplicht in de bijstand
Je moet meewerken als de gemeente je daarom vraagt. De gemeente kan je vragen om mee te werken aan bijvoorbeeld een huisbezoek of aan een onderzoek om vast te stellen of je nog recht op bijstand hebt. Werk je niet mee? Dan kan de gemeente je bijstandsuitkering verlagen.

Identificatieplicht in de bijstand
Je moet kunnen bewijzen wie je bent met een geldig legitimatiebewijs, zoals een paspoort of rijbewijs, als de gemeente hierom vraagt. De gemeente zal dit doen bij de aanvraag van je bijstandsuitkering, zodat de gemeente kan bepalen of je bent, wie je zegt te zijn en om te controleren of je recht op bijstand hebt.

Inlichtingenplicht in de bijstand
Je moet de gemeente alle informatie geven over je situatie. Zo kan de gemeente bepalen, waar je recht op hebt. Geef je niet alle veranderingen door en krijg je hierdoor ten onrechte teveel geld? Dan moet je dit terugbetalen en daarnaast kun je een boete krijgen. Verandert er dus iets in uw situatie? Dan moet u dit direct laten weten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan:
• je gaat werken en ontvangt inkomsten.
• je ontvangt vermogen vanuit een erfenis of je wint in een loterij.
• je wilt een studie gaan volgen.
• je wilt vrijwilligerswerk gaan doen.
• je gaat verhuizen.
• je leefsituatie verandert door samenwonen, een scheiding of in- of uit-verhuizende kinderen.
• je wilt met vakantie.

Re-integratieplicht in de bijstand
Je moet meewerken aan je re-integratie naar werk, dit is een verplichting. Je moet je houden aan afspraken om zo snel mogelijk weer betaald werk te krijgen. De gemeente mag je bijvoorbeeld vragen om je opgedane kennis en vaardigheden, die je hebt, op peil te houden. De gemeente kan je ook vragen om nieuwe vaardigheden te leren of om te gaan werken met behoud van uitkering, als het aangeboden werk bij je past. Voldoe je niet aan deze plicht? Dan kan je gemeente je bijstandsuitkering verlagen.

Tegenprestatie in de bijstand
Met een bijstandsuitkering moet je een tegenprestatie uitvoeren, als de gemeente je hierom vraagt. Dit is een verplichting. Hierbij gaat het om een onbetaalde, maatschappelijk nuttige activiteit van vaak een beperkte duur en omvang. De activiteit mag geen werk zijn, waar je normaal gesproken gewoon een inkomen voor zou krijgen. De activiteiten hoeven ook niet bij te dragen aan je re-integratie op de arbeidsmarkt, maar je moet ze wel kunnen uitvoeren, rekening houdend met je arbeidsgeschiktheid. Weiger je een tegenprestatie? Dan kan je gemeente je bijstandsuitkering verlagen. De gemeente bepaalt de hoogte van de verlaging en de duur van de verlaging.

Wat geldt als tegenprestatie? 
De gemeente moet haar regels over de tegenprestatie hebben opgenomen in een verordening. De gemeente moet je duidelijk kunnen maken wat voor soort activiteiten zij van je kunnen vragen en hoeveel tijd deze activiteiten kosten. De gemeente moet daarbij rekening houden met je persoonlijke situatie. De tegenprestatie mag het krijgen van betaald werk niet in de weg staan.

Wanneer wel of geen tegenprestatie?
De gemeente beoordeelt of je een tegenprestatie moet leveren, als je een bijstandsuitkering ontvangt.
• Alleenstaande ouder met kinderen tot 5 jaar.
Ben je een alleenstaande ouder? En heb je de volledige zorg voor 1 of meer kinderen tot 5 jaar? Dan hoef je misschien geen tegenprestatie te leveren. Vraag dit na bij je gemeente.
• Volledig en duurzaam arbeidsongeschikt.
Als je volledig en duurzaam arbeidsongeschikt bent, dan hoef je misschien geen tegenprestatie te leveren. Vraag dit na bij je gemeente.
• Vrijwilligerswerk.
Doe je vrijwilligerswerk? Dan kan de gemeente dit zien als een tegenprestatie.
• Mantelzorger.
Ben je mantelzorger? Dan kan de gemeente dit zien als een tegenprestatie.

Taaleis bijstandsgerechtigden in de bijstand
In de Participatiewet geldt de taaleis. Dit betekent, dat je als bijstandsgerechtigde de Nederlandse taal voldoende moet beheersen. Beheersing van de Nederlandse taal is nodig voor het verkrijgen, accepteren en behouden van werk. Is je taalniveau onvoldoende? Dan moet je jezelf inspannen om dit te verbeteren.
Taaleis in de bijstand.
De taaleis is referentieniveau 1F. Als bijstandsgerechtigde moet je de basiskennis hebben van de Nederlandse taal op referentieniveau 1F. Dit betekent bijvoorbeeld dat je korte, eenvoudige teksten kunt lezen en schrijven.

Bewijs taalbeheersing.
Je moet als bijstandsgerechtigde laten zien, dat je de Nederlandse taal voldoende beheerst. Je kunt dit laten zien door aan te tonen, dat je:
– 8 jaar Nederlandstalig onderwijs hebt gevolgd.
– het inburgeringsexamen hebt behaald.
– een ander document hebt, waaruit blijkt dat je de Nederlandse taal beheerst.

Geen bewijs taalbeheersing.
Je moet een taaltoets doen als je niet kunt laten zien, dat je de Nederlandse taal voldoende beheerst.

Verlagen bijstandsuitkering.
Als je niet voldoet aan de taaleis, dan moet je de Nederlandse taal beter leren beheersen. Doe je hiervoor geen moeite? Dan mag de gemeente je bijstandsuitkering verlagen. Met 20% in de eerste 6 maanden. Met 40% in de volgende 6 maanden. Na 12 maanden (1 jaar) mag de gemeente je bijstandsuitkering met 100% verlagen, dus stopzetten.

Correct gedragen bij de gemeente in de bijstand
Je mag je niet misdragen tegen een gemeentelijke ambtenaar. Doe je dat toch? Dan kan de gemeente je bijstandsuitkering als straf verlagen.

Bijstand en vakantie
Je mag met je bijstandsuitkering op vakantie, als de gemeente toestemming geeft. Je mag dan maximaal 28 dagen per jaar met behoud van bijstand in het buitenland verblijven. Bij die maximaal 28 dagen per jaar zijn ook de weekenden meegeteld. Je moet je vakantie – ook al blijf je in Nederland – wel altijd eerst melden en bespreken met je contactpersoon bij de gemeente. De gemeente beoordeelt dan of je met behoud van je bijstandsuitkering op vakantie mag en voor hoe lang.

Wetgeving rechten en plichten bijstand
Lees meer over de rechten en plichten in de bijstand in de Participatiewet.

Vragen over bijstand
Heb je vragen over je situatie? Neem dan contact op met je gemeente of met de sociaal raadslieden van de gemeente. Heeft je gemeente geen sociaal raadslieden? Kijk dan voor sociaal raadslieden bij jou in de buurt op de website van Sociaal Werk Nederland. Voor gratis juridisch advies kun je contact opnemen met het Juridisch Loket.

Documenten uitkering bewaren
Het is belangrijk om alle documenten te bewaren, die met je bijstandsuitkering te maken hebben. Als je bijstandsuitkering stopt, moet je de documenten, die met je uitkering te maken hebben, altijd minstens 2 jaar bewaren. Je bent namelijk verplicht om je documenten aan het UWV te laten zien, als ze erom vragen. Dat kunnen loonstroken, sollicitatiebrieven en arbeidsovereenkomsten zijn. Maar het is slim om de documenten rond je uitkering nog langer te bewaren. Ook na 2 jaar kan het UWV nog onderzoeken of de uitkering, die je ontvangt of hebt ontvangen, wel juist is. Je bent verplicht om mee te werken als ze daarom vragen.

Help mee